Schamp- en stoeppalen

Auteur: Arie de Viet

Het raadsel ligt in……Scherpenisse. Over schamp- en stoeppalen door de eeuwen heen.

Dit versierde stuk steen ligt op het Lenteplein in Scherpenisse. Om precies te zijn op de hoek van de tuin en de openbare weg. Het is een opvallend restant van een schamp- of stoeppaal. Ze werden of worden geplaatst om te voorkomen dat huizen – of in dit geval een ijzeren tuinhek – worden aangereden door rij- of voertuigen. Het gebruik gaat terug tot de zeventiende eeuw.

De steen lijkt te horen bij de boerderij Lenteplein 2 en dat is een rijksmonument. Gebouwd in 1883 is de ‘woning vanbelang als hoofdonderdeel van het boerderijcomplex’, is te lezen in de omschrijving van de Rijksdienst. ‘De woning is een goed voorbeeld van een sobere, traditionele woning met neoclassicistische details en als zodanig van architectuurhistorische waarde.’ Bovendien is het complex gelegen in de dorpskern (wat steeds minder voorkomt) en dat ‘benadrukt het agrarische karakter van het dorp’.

Het brokstuk zelf wordt niet beschreven. Wat is ermee gebeurd? Waar is de rest gebleven? Met enige moeite is het mogelijk de paal te reconstrueren aan de hand van voorbeelden van stoeppalen uit dezelfde periode. Er zijn namelijk vier verschillende types. Een van die types heeft een vergelijkbaar ornament. Al vergelijkend en tekenend zou dit het oorspronkelijke beeld op kunnen leveren, al zijn er meer varianten denkbaar.

                                   

Een vorm van een schamppaal is wel terug te vinden op een ansichtkaart uit 1902. De Lentestraat oplopend naar de Weststraat. De paal staat ook dan op de hoek voor het tuinhek dat toen van hout was.  

Deze prentbriefkaart, uitgegeven door J.Muller uit Scherpenisse, toont het agrarisch karakter van het dorp, met de boerderij links en de kar getrokken door een paard.
Op deze prentbriefkaart is de onverharde Hoenderweg in Sint-Annaland tussen 1935 en 1940 te zien. Bij de ingang van het Nieuwe Pad (nu Nieuwstraat) staat aan de rechterkant een schamppaal, aan de linkerkant een hoge houten paal.
De steen ligt hier in 1990 als een vis op het droge, maar duidelijk zichtbaar om het tuinhek te beschermen

Stoepstenen of schamppalen werden in de zeventiende eeuw geplaatst op de hoeken van de straten om te voorkomen dat de huizen werden aangereden door rij- of  voertuigen. Veel voorname huizen – vooral in de steden – hadden een met klinkers of blauwe tegels geplaveide en verhoogde stoep met vaak een pothuis (een kleine uit- of aanbouw voor of naast het woonhuis als halfondergrondse bergplaats), een keldertoegang of luifel. De stoep werd afgesloten door smeedijzeren hekken of houten stoepbanden die werden afgesloten met een stoeppaal. Voorbeelden zijn daar nog wel van terug te vinden in Tholen (Haven), Sint-Maartensdijk (Markt) en Scherpenisse (Weststraat).

Een fraai voorbeeld van een stoeppaal staat op het terrein van De Meestoof in Sint-Annaland. Deze paal bij de Noorse geschenkwoning is eigenlijk een afdankertje. De paal voldeed niet aan de eisen van de opdrachtgever. Hij is door de maker opzij gelegd en  uiteindelijk op het terrein van het museum weer opgericht. Het is een van de meest algemene stoeppalen met de zogeheten Vlaamse wortel als kenmerkend ornament.

Paal bij Noorse woning.
Rechts de Vlaamse wortel, getekend door Jacob Huibregts Hollestelle, Dordrecht.

Hij is versierd met een wapenschild. Dit ruitvormige schild stond voor een ‘vrouwelijke’ steen en stond rechts voor de gevel. Een paal met een hartvormig schild stond voor de ‘mannelijke’ steen  en stond links voor de gevel. De Vlaamse wortel is bevestigd aan een Ionische krul. Het motief van de Vlaamse wortel – die ver naar beneden doorloopt – is kenmerkend voor de Vlaamse Renaissance.          

Vele palen gingen verloren omdat ze op kwetsbare plekken stonden. Toch zijn ze hier en daar nog in het straatbeeld terug te vinden. In Tholen is nog een voorbeeld te vinden van een schamppaal. Hij staat precies op de hoek van de Oudelandsestraat met de Regentessestraat en een beetje schuin tegen de gevel.

Schamppaal in Tholen.
Drie Franse lelies.

Dergelijke palen waren sierlijk bewerkt. De steen in Sint-Annaland en die in Tholen hebben de Vlaamse wortel als ornament (het motief van de draaibank van de schrijnwerker). Op de paal van De Meestoof staan in het wapen drie Franse lelies  (fleurs de lis).  Ze komen vaak voor in die tijd. Maar deze steen is indertijd niet afgeleverd, zo heeft onderzoek door Olga Molegraaf van het museum opgeleverd.

Het vrouwelijke wapen is ruitvormig en wijkt naar rechtsboven af. Het wapen staat niet centraal. Foutjes van de steenhouwer, zo blijkt. Omdat de steen maar gedeeltelijk gefrijnd is, werd hij waarschijnlijk tijdens de Franse revolutie van 1795 – toen veel familiewapens moesten verdwijnen – gespaard. De steen stond gewoon in de schuur van de steenhouwer en is na de Franse tijd (1795-1813) weer boven water gekomen. Het is tot dusver niet bekend waar de steen op het eiland gestaan heeft. Of is het de schamppaal die in de Hoenderweg stond?

De stoepstenen zullen als halffabricaat uit de Belgische Ardennen zijn ingevoerd. De wapens werden er hier in gehakt. De hardstenen exemplaren zijn zeldzaam geworden, verwijderd voor het aanleggen van trottoirs. Of vervangen door palen van modern materiaal, zoals ijzer én zonder versiering. Wie zijn ogen de kost geeft, komt ze nog wel tegen. Een voorbeeld is deze witgeschilderde ijzeren schamppaal in de Langeweg in Scherpenisse.

Weet je een (oude) schamp- of stoepppaal te staan in je omgeving? Maak dan een foto en mail hem met beschrijving van de locatie naar: webmaster@heemkundetholen.nl. In een volgend artikel zullen we de foto’s dan delen op onze website.

Bronnen:

Frans Beekman, Stoeppalen uit de zeventiende eeuw, Zeeuws tijdschrift 1976-6, 212-217

Gemeentearchief Tholen.

Zeeuws Archief.

Monumenten.nl.

www.collectiegelderland.nl.

Tekening Hollestelle, Zeeuws Genootschap, Zelandia Illustrata, deel ll, nr 374b

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *