Archeologie

Dalemsestraat

In 2007 is in de Dalemsestraat in Tholen een beperkt archeologisch onderzoek gedaan op de plaats van de nummers 35 en 37, aan de kopse kant van de Bebouwdendam.

Aanleiding was de sloop van de bestaande panden en de nieuwbouw van de huidige nummers 35, 37 en 37a.

 

Een onderzoeks rapport is tot op heden nog niet afgerond door gebrek aan vrijwilligers.

De nieuw op te richten Werkgroep Archeologie van Heemkundekring Tholen heeft deze taak op zich genomen en is begonnen met de inventarisatie van de opgegraven scherven.

De oudst bekende bewoners van het oude pand vinden we terug in de belastingkohieren van het jaar 1685.

Op de door Smallegange getekende plattegrond van Tholen uit die tijd zien we de bebouwing aangegeven in de rode cirkel. De Dalemsestraat liep  toen nog tot aan de (toenmalige) Kruittoren en behoort tot de oudste straten van Tholen.

In 1685 woont op het adres (toen nog huisnummer 10) Pieter Lambrechtse van Outheusden, een welgestelde ondernemer.

Hij is in 1640 geboren in Den Haag en is eerst Meester scheepstimmerman in Bergen op Zoom. In 1663 trouwt hij met de Thoolse weduwe Cornelia Leendertse Bruijs. De kinderen worden allen nog geboren in Bergen op Zoom.

In 1678 koopt hij de (scheeps)timmerwerf buiten de Waterpoort in Tholen met de bijbehorende arbeidershuisjes (zie de blauwe pijl). Het gezin komt dan ook wonen in Tholen, eerst nog op de ‘Coornmarckt’.

In 1683 doet hij een voor de toekomst van Tholen belangrijk verzoek aan Burgemeester en Schepenen van de stad.

Wellicht mede voor zijn gemak, vraagt hij toestemming voor het instellen van een veerdienst tussen Tholen en het vasteland van Brabant. Hij krijgt toestemming en het alleenrecht, indien hij op eigen kosten zorgt voor aanleg en onderhoud van het veer, zowel de vaartuigen voor de oversteek over de Eendracht én over het Langewater alsmede de weg of dam over de schorren (zie de groene pijl). Vanaf Bamis (1 oktober) 1684 vaart het veer, dat heeft dienst gedaan tot de brugverbinding in 1928.

De eerste resultaten van de inventarisatie van de vondsten zijn de ‘restauratie’  van een delftsblauwe (haard)tegel met de voorstelling van een geit. Daarnaast zijn meerdere scherven gevonden van nog andere delftsblauwe tegels en andere tegels. Wellicht heeft deze tegel ooit de muur achter de haard of kookvuur van Pieter en Neeltje gesierd. 

Een tweede restauratie levert een grape op, welke gedateerd kan worden op midden/eind 17e eeuw. Een grape is een kookpot met oren en drie pootjes. Deze grape is aan de onderkant zwart geroet door het koken op open vuur en aan de binnenkant (geel) geglazuurd. Dit maakt de grape waterdicht. Het kan goed zijn dat in deze grape de maaltijden voor het gezin nog zijn gekookt. 

Een leuk detail daarbij is dat Pieter in 1683 voor zijn zoon Lambert naast de scheepstimmerwerf (dus buiten de Waterpoort vanwege het gevaar voor brand) een ‘pottebackerij’ is begonnen. 

Het zou dus zo maar kunnen dat deze grape ook nog eens van Thoolse makelij is.

Wil je meer weten? Bezoek dan a.s. zaterdag tijdens de braderie onze kraam in de Voorstraat te Sint-Annaland.

2 reacties

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.